Dissociatieve amnesie of hervonden herinnering?

In verband met een recente publicatie “De Wetenschap Achter Verdrongen en Valse Herinneringen” door Henry Otgaar et al. wilden wij u hieronder een oud artikel dat hierop een wetenschappelijk antwoord geeft niet onthouden.
Het artikel van Otgaar c.s. probeert namelijk opnieuw twijfel te zaaien waar wetenschappelijk gezien geen twijfel bestaat. Dit in een herhaling van zetten door de vorige generatie wetenschappers in de jaren ’90.

Het team doet dit door irrelevante laboratoriumonderzoeken inzake implantatie van onschuldige herinneringen gelijk te stellen met de neurologische dissociatieve amnesie bij mensen met PTSD en DIS (zie Van Der Kolk) en daarbij een individu aan te halen die al dan niet haar herinneringen verzonnen heeft. Een vals autobiografisch zelf kan ontstaan uit vele redenen, waaronder persoonlijkheidsstoornissen, maar daar wordt in het artikel niet verder niet over uitgeweid. Valse rapportages zijn zeer zeldzaam, 1-2%, en derhalve statistisch gezien niet relevant, zie voor meer informatie hier. Een persoonlijk relaas is bovendien geen wetenschappelijke onderbouwing, al zou de waarheid in dit enkele geval neurologisch te achterhalen zijn indien deze persoon zou instemmen met een hersenscan (zie A.A. Reinders et al).

Verloren grond: het debat over valse/verdrongen herinneringen

November 2, 1999
Alan W. Scheflin
Psychiatric Times, Psychiatric Times Vol 16 No 11, Volume 16, Issue 11

Het debat over hervonden herinneringen is de meest bittere, wrede en pijnlijke interne controverse in de geschiedenis van de moderne psychiatrie. Vanaf het allereerste begin in de late jaren ‘80, is het meer een “ad hominem” oorlog geweest, een beroep doend op gevoelens en vooroordelen, in plaats van een kwestie van gemotiveerde professionele onenigheid.

Lees verder

Trauma en herinnering, Bessel van der Kolk

UITTREKSEL

De studie van traumatische herinneringen vormt een uitdaging voor verschillende basisopvattingen over de aard van het geheugen: (i) dat geheugen altijd een constructief proces is; (ii) dat het geheugen in de eerste plaats declaratief is (d.w.z. dat mensen in woorden en symbolen kunnen verwoorden wat ze weten) (iii) dat het geheugen op een continue en ononderbroken manier in het bewustzijn aanwezig is; en (iv) dat het geheugen in de loop van de tijd steeds minder nauwkeurig wordt. Een eeuw van studie van traumatische herinneringen toont aan dat (i) semantische representaties naast zintuiglijke indrukken kunnen bestaan; (ii) in tegenstelling tot traumaverhalen, blijven deze zintuiglijke ervaringen vaak stabiel in de tijd, ongewijzigd door andere levenservaringen; (iii) ze kunnen terugkeren, getriggerd door herinneringen, met een levendigheid alsof de ervaring helemaal opnieuw gebeurt; en (iv) deze flashbacks kunnen optreden in een mentale toestand waarin slachtoffers niet precies kunnen verwoorden wat ze voelen en denken. Dit artikel geeft een overzicht van de literatuur over traumatische herinneringen en bespreekt de recente neuroimaging-onderzoeken die de neurobiologische onderbouwing van de verschillen tussen gewone en traumatische herinneringen lijken te verduidelijken.

Lees verder

Feiten aangaande het LEBZ

De LEBZ legt er steeds de nadruk op dat de feiten uitwijzen dat er geen bewijzen zijn dat er zoiets als ritueel misbruik bestaat.

Feiten.

  • Feit is dat de LEBZ haar laatste jaarverslag indiende over het jaar 2008. Eerst nu ,op dringend verzoek van de minister van Justitie en Veiligheid, volgend op een met algemene stemmen aangenomen motie van de Tweede Kamer, is de LEBZ bezig cijfers te verzamelen.
  • Feit is dat – volgens mededelingen van de juridische afdeling van de landelijke politie – geen documenten aanwezig zijn waaruit opgemaakt kan worden waarop de LEBZ de mening baseert dat therapeuten gebruikmaken van suggestieve technieken en zich dus niet aan de regels van de Gezondheidsraad houden.
  • Feit is dat er, wederom volgens de landelijke politie, geen op onderzoeksrapportages van de politie gebaseerde documenten zijn waarop de LEBZ zich baseert bij hun uitlatingen over retractors.
  • Feit is dat onbekend is of de LEBZ de situatie van meer dan één retractor heeft onderzocht, en hoe.
  • Feit is dat wetenschappers die als consulent verbonden zijn of waren aan de LEBZ niet of niet inhoudelijk reageren op vragen die hen worden gesteld over beweringen die zij in de media deden, zoals Peter van Koppen en Ineke Wessel. De informatie over door het KTGG hierover met de betrokken personen gevoerde discussies is ter inzage.
  • Feit is dus dat veel van de stellingen en beweringen die met grote regelmaat door de LEBZ worden gedaan, niet controleerbaar zijn, tot nu.
  • Feit is dat de LEBZ schermt met de samenstelling: multidisciplinair en uit diverse vakgebieden afkomstig. Feit is ook dat deze deskundigen vrijwel allemaal het fantasiemodel ter verklaring van DIS aanhangen en hervonden herinneringen als onmogelijk afschrijven;
  • Feit is dus dat er wel degelijk sprake kan zijn van tunnelvisie en groepsdenken bij het beoordelen van opsporingsrapportages van de politie.
  • Feit is ook dat geen van de consulenten of vaste medewerkers behandelervaring heeft met complexe dissociatieve problematiek. Dus is het – voorlopig – een feit dat ook niet controleerbaar is vanuit welke visie deze rapportages worden beoordeeld.
  • Tenslotte is het een feit dat diverse artikelen geschreven door wetenschappers uit de Maastrichtse school in artikelen van andere wetenschappers negatief werden beoordeeld, en dat hierop van de kant van de eerstgenoemde auteurs inhoudelijk niet op wordt gereageerd.
  • Feit is dus dat de LEBZ zich baseert op theorieën die internationaal niet hoog staan aangeschreven.
  • Een feit is ook dat de zedenpolitie sterk onderbemand is, en nog steeds onvoldoende kennis in huis heeft als het gaat om de zeer complexe vormen van dissociatieve problematiek die het gevolg is van het hebben ondergaan van georganiseerd sadistisch misbruik.
  • Tot slot, een feitelijke vraag is: hoe de LEBZ met zoveel stelligheid dingen kan beweren, terwijl er in de laatste zeven jaar slechts drie aangiftes zijn gedaan?

De New York Times rapporteert

Technologie bedrijven melden een enorme toename van online foto’s en video’s van kinderen die seksueel worden misbruikt – in 2018 werd een recordaantal van 45 miljoen illegale afbeeldingen gemarkeerd – waardoor het systeem op een breekpunt is en de daders niet bij te houden zijn aldus een onderzoek van The New York Times.

Lees verder

RTL onderzocht misbruikbeelden van Nederlandse kinderen op dark web

RTL nieuws ging enkele maanden undercover op het dark web, een besloten gedeelte op het internet waar o.a. kinderporno wordt gedeeld. Uit dit onderzoek blijkt dat diverse beelden van seksueel misbruik van Nederlandse kinderen gedeeld worden. Ook delen sommige leden in dit netwerk hurtcore, kinderporno gericht op pijn en vernedering, en dat wordt steeds populairder volgens de politie. Bron: RTL Nieuws / BNNVARA

Undercover op dark web: misbruikbeelden honderden Nederlandse kinderen in online netwerken
Zo ging RTL Nieuws undercover in de ondergrondse kinderporno-netwerken
Uitzending van BNNVARA programma Pauw op 13 mei 2019 waarin techjournalist Daniel Verlaan meer uitleg geeft.

Programmering bij Overlevenden van Satanisch Ritueel Misbruik

David W. Neswald, M.A. M.F.C.C. in samenwerking met Catherine Gould, Ph.D. en Vicki Graham-Costain, Ph.D. The California Therapist, Sept./Oct. 1991, 47-50

In de psychotherapeutische gemeenschap worden steeds vaker gevallen van meervoudige persoonlijkheidsstoornis (MPD) en satanisch ritueel misbruik (SRA) gemeld. Hoewel controverse over authenticiteit blijft bestaan, winnen dergelijke gevallen langzaamaan aan aanvaardbaarheid als een sociaal en psychopathologisch fenomeen. Tegelijkertijd worden de etiologische onderbouwing en behandelingseisen van deze speciale patiënten ontrafeld en begrepen als nooit tevoren. Als gevolg hiervan wordt het steeds duidelijker dat misschien de meest veeleisende behandelingsaspecten van dergelijke gevallen betrekking hebben op de problemen die worden veroorzaakt door wat bekend staat als ‘cult-programmering’. Het bijgevoegde artikel is in het Engels.

Common Programs Observed in Survivors of Satanic Ritualistic Abuse

Mind Control Experimenten op Kinderen, Jon Rappoport

Jon Rappoport is een vooraanstaand onderzoeksjournalist en de auteur van AIDS, INC. Helaas heeft hij ook een aantal overtuigingen en meningen die bekritiseerd kunnen worden vanwege misleidende logica, magisch denken en zichzelf weerleggende argumenten. Desalniettemin hebben we besloten om dit artikel met zijn hand te publiceren, omdat het duidelijk is waar hij letterlijke citaten uit de CIA-documentatie gebruikt en waar hij meningen citeert. Bovendien onderstreept de documentatie waartoe zelfs officiële instellingen in staat zijn op het gebied van misbruik. Het mind-control-apparaat van de CIA is bekend sinds 1975, toen 10 grote dozen met documenten werden vrijgegeven op grond van verzoeken om de Freedom of Information Act. Het bijgevoegde artikel is in het Engels.

Mind Control experiments on children

Building The Manchurian Candidate, Colin A. Ross

“Door onderzoek in de medische schoolbibliotheek, het bestellen van boeken nu uit print, en verzoeken ingediend via de Freedom of Information Act, heb ik overtuigende documentatie opgebouwd over het feit dat de CIA en militaire inlichtingendiensten experimenteel meerdere persoonlijkheden hebben gecreëerd, en het gebruik van deze onderwerpen bij koeriers- en infiltratieoperaties. ” Dr. Colin A. Ross, M.D., 1999
Enkele andere opmerkelijke boeken over dit onderwerp door Dr. Ross zijn:
Dissociative identity disorder : diagnosis, clinical features, and treatment of multiple personality
The Osiris complex : case studies in multiple personality disorder

Building The Manchurian Candidate: Deliberate Creation of Multiple Personality by Psychiatrists, is een artikel in het Engels.  Building The Manchurian Candidate